Marijke van Duin

De grootste angst…

Wat is de grootste menselijke angst? Doodsangst? Misschien voor sommigen. Maar de grootste angst is een andere. Die is verborgen, blijft bij de meesten onbewust, en is daarom zo invloedrijk. Mogelijk is deze angst trouwens wel verbonden met doodsangst.

Over welke angst heb ik het? Een angst die voornamelijk bij mannen voorkomt. Het gaat om de angst het eigen gevoel, de eigen emotionaliteit, te verbinden met de eigen seksualiteit. Een millennia-oude angst die op allerlei manieren vorm heeft gekregen, in elk geval in de westerse samenleving. Denk aan oorlogvoering, vrouwenmishandeling, het hiërarchische steekspel in het bedrijfsleven en in de politiek, en het achterblijven van vrouwen op invloedrijke posities – om maar een paar voorbeelden te noemen. Kortom, onze maatschappij zoals we die gewend zijn… Lees Riane Eislers De Kelk en het Zwaard er maar op na.

Neem het #MeToo-gebeuren. Leek dat aanvankelijk een doorbraak te zijn in de bewustwording voor wat mannen vrouwen aandoen (én andere mannen, in de homoseksuele arena) – inmiddels is het weer stil. Natuurlijk, want nadat de vrouwen gesproken hebben is het nu de beurt aan de mannen. En die durven niet. Want een werkelijk antwoord zou betekenen: introspectie, het (h)erkennen van de eigen tot dan toe onbewuste projectiemechanismen en de reparatie daarvan. En daar zijn we helaas nog mijlenver van verwijderd.

Waarom durf ik dat zo boud te stellen? Omdat onze maatschappij niet verandert. Althans, ik zie er nog weinig van. De huidige maatschappelijke discussie richt zich slechts op de vraag waarom zo weinig vrouwen ‘de top’ bereiken, met andere woorden: waarom zijn zo weinig vrouwen ‘als mannen’? In plaats van eindelijk de vraag aan de orde te (durven) stellen: waarom worden de mannen niet wat ‘vrouwelijker’? Dat zou betekenen het durven aangaan van betekenisvolle relaties op grond van de verbinding van de eigen diepe emotionaliteit met de eigen seksualiteit. En dat zou resulteren in – eindelijk – normaal respect voor vrouwen en een gevoel van gelijkwaardigheid en wederkerigheid. Op alle fronten, ook niet-seksuele. Een gezondere maatschappelijke orde zou daar het gevolg van zijn.

Maar in plaats daarvan blijven de mannen op de apenrots zitten, met alle gevolgen van dien. Het is toch niet te begrijpen dat in deze tijd met zulke grote uitdagingen nog steeds oorlog gevoerd wordt? Hoeveel triljarden euro’s en dollars verdwijnen er niet in wapentuig, in plaats van dat geld te gebruiken voor maatschappelijke hervorming, zodat de grote vraagstukken klimaatverandering, armoede en migratie eindelijk adequaat aangepakt kunnen worden?

Zolang de mannelijke seksualiteit gegrond is in projectie in plaats van in gevoel, blijft het helaas dweilen met de kraan open. Waarvan akte.